De perfecte côte à l'os volgens chef Timon Michiels
Koken als een chef!
Een goede côte à l’os draait om hitte, vet en vooral... geduld. Chef Timon Michiels toont hoe je thuis die perfecte steakhousekorst krijgt.
Een goede côte à l’os draait om hitte, vet en vooral... geduld. Chef Timon Michiels toont hoe je thuis die perfecte steakhousekorst krijgt.
Wie is Timon Michiels (28)?
- Volgde les aan Hotelschool Ter Duinen in Koksijde en studeerde later restaurantmanagement in Lausanne.
- Liep stage bij chefs als Alain Ducasse en Albert Adrià.
- Werd chef van Carcasse in Sint-Idesbald, dat onder zijn leiding een Michelinster behaalde.
- Carcasse werd opgenomen in de top van beste steak-restaurants ter wereld.
- Werd in 2024 uitgeroepen tot Best Young Chef.
- Schreef vorig jaar het kookboek 'Timon's Tafel' en heeft nu net zijn tweede kookboek uit: 'Timon takes it easy'.
Duizenden côte à l'ossen later…
"Eigenlijk denk ik dat ik een côte à l'os geblinddoekt kan klaarmaken", lacht Timon Michiels. "Er zijn intussen niet veel geheimen meer." Dat hoeft ook niet te verbazen. Als voormalige chef van Carcasse in Sint-Idesbald bakte hij de voorbije zes jaar letterlijk duizenden côte à l'ossen. Sommige weken gingen er tweehonderd stukken vlees door zijn handen.
"Ik sneed ze ook zelf uit het ribstuk", vertelt hij. "In het begin deed ik daar een halfuur over. Op het einde kuiste ik zes ribstukken op in dezelfde tijd." Op den duur werd het bijna instinct. "Je voelt gewoon wanneer een stuk klaar is."
Een kind in de snoepwinkel
Die liefde voor vlees begon al vroeg. "Als we vroeger barbecueëden, kwam mijn vader van de slager terug met twee côte à l'ossen", vertelt Timon. "Toen wilde ik liever ook gewoon een worstje en kippenvleugels zoals mijn vriendjes. Maar blijkbaar is het wel blijven hangen."
Ook internationaal groeide zijn fascinatie voor vuur en vlees. Tijdens zijn periode als chef op de Belgische ambassade in Washington kwam hij in contact met de Amerikaanse barbecue- en meatcultuur. "Daar heb je gigantische smokehouses en een enorme barbecuecommunity", vertelt hij. "Dat heeft mij zeker beïnvloed."
Via Dierendonck en Carcasse belandde hij daarna midden in de wereld van kwaliteitsvlees, rijping en vakmanschap. "Bij Dierendonck voelde ik me echt als een kind in een snoepwinkel", zegt hij. "Ik liep tussen de rijpingskasten, koos zelf stukken vlees uit en bezocht boerderijen. Geen enkele chef staat vandaag zo dicht bij zijn product als daar. Daardoor besef je ook hoeveel werk er achter één dier zit en hoeveel passie die boeren hebben. Dan ga je er automatisch anders mee om."
Tijd voor iets nieuws
Eind juni sloot Timon zijn hoofdstuk bij Carcasse af. Een emotioneel moment, na zes intense jaren waarin het restaurant een Michelinster behaalde en uitgroeide tot een van de beste steakrestaurants ter wereld. "Het voelde een beetje als volwassen worden", zegt hij. "Ik ben daar begonnen op mijn 22ste." Vandaag kijkt hij uit naar nieuwe projecten, reizen en misschien zelfs een totaal andere richting. "Ik heb ook zin om ooit iets met vis te doen", lacht hij. "Maar côte à l'os zal altijd mijn signatuur blijven. Sowieso belanden er deze zomer bij mij thuis wel een paar op de barbecue."
Dé toptips van Timon Michiels
1 Goed vlees is alles
"De belangrijkste stap gebeurt eigenlijk nog vóór je begint te bakken", zegt Timon. "Namelijk: naar een goede slager gaan. Goed vlees bepaalt alles. Een goede côte à l'os herken ik met mijn ogen dicht, door wat ik tussen mijn vingers voel."
Zelf kiest hij het liefst voor côte à l'os van melkkoeien zoals Holsteinrunderen. "Dat zijn koeien die gekalfd hebben. Het vlees is mooi dooraderd met vet, en net dat vet geeft smaak."
Hij vergelijkt verschillende rassen bijna zoals een sommelier wijn bespreekt. "Een mager ras zoals West-Vlaams rood kun je perfect bleu eten. Maar een vetter stuk Holstein heeft iets meer warmte nodig. Anders eet je koud vet, en dat is niet lekker."
Ook rijping maakt een enorm verschil. "Wij laten vlees vier tot zes weken dry agen. Tijdens dat proces breken eiwitten af, waardoor het vlees sappiger en malser wordt."
2 De 50-50-regel
Een te koude côte à l'os rechtstreeks in een hete pan leggen, is volgens Timon een klassieke fout. "Dan krijg je vanbuiten misschien een mooie korst, maar vanbinnen blijft hij koud."
Daarom haalt Timon zijn vlees al twee uur vooraf uit de koelkast. "Zo kan het rustig op kamertemperatuur komen, en blijft het veel malser."
Daarna gebruikt hij thuis bijna altijd dezelfde techniek: de 50-50-regel. "Vijftig minuten in een oven van 50°C. Simpeler kan bijna niet."
Volgens hem maakt dat een wereld van verschil. "Op deze manier warmt het vlees rustig op en smelt het vet al een beetje. Zo krijg je veel makkelijker een mooie bleu chaud."
En dat proef je meteen. "Ik eet côte à l'os graag bleu, maar wel warm. Bleu froid vind ik echt niet lekker."
3 Een hete pan
Wanneer het vlees op temperatuur is, begint het echte werk. "Vlees en vuur is als een huwelijk", zegt Timon. "Je moet leren hoe ze op elkaar reageren."
"Om te beginnen moet je pan loeiheet zijn", weet hij. "Hoor je niets? Dan is je pan niet heet genoeg. Je moet het vlees echt horen sissen."
Zelf bakt hij het liefst in ossenvet. "Dat kan veel hogere temperaturen aan dan boter of olijfolie." Hij wacht tot de pan licht rookt en schroeit het vlees dan dicht.
4 Een écht korstje
Daarna: niets doen. "Mensen willen hun côte à l'os veel te snel draaien", zegt Timon. "Maar als je dat doet, trek je het vlees gewoon kapot aan de pan."
Volgens hem moet je het vlees eerst echt laten korsten. "Laat het gerust twee à drie minuten liggen zonder eraan te komen. Zodra die korst gevormd is, laat het vanzelf los."
Die korst mag ook verder gaan dan veel mensen thuis durven. "Niet verbrand natuurlijk, maar wel écht krokant. Als je er met je mes over gaat, moet het crunchy klinken."
Net daarin zit volgens Timon de smaak. "Dat krokante laagje ontstaat door de maillard-reactie: suikers en eiwitten karamelliseren en zorgen voor die typische steakhousesmaak."
5 Boter, kruiden en nog meer smaak
Een côte à l'os snij je niet meteen aan. "Na het bakken laat je 'm zo'n vijf minuten rusten op een rooster zodat alle sappen zich herverdelen."
Maar voor Timon is het werk dan nog niet gedaan. "Haal je vlees uit de pan, maar giet die pan vooral niet leeg", zegt hij lachend. "Die pan is goud waard, daar zit superveel smaak in."
In dezelfde pan smelt hij dus nog boter met sjalot, knoflook, tijm en rozemarijn. "Je hebt je vlees eerst in ossenvet gebakken, maar ik werk het graag af met boter. Dan krijg je de smaak van het vlees, de kruiden én die warme beurre noisette samen."
Die ingrediënten hoef je niet fijn te hakken. "Gewoon grof pletten en laten trekken." De geurige boter lepelt hij op het einde over het versneden vlees. "Dat maakt het áf."
6 Correct serveren
Daarna legt Timon het stuk vlees met het bot naar boven en snijdt hij eerst het bot los. Vervolgens begint hij bovenaan, bij het stukje vet, en trancheert hij het vlees van boven naar beneden in plakjes van ongeveer een halve vinger dik. "Zo snij je automatisch mooi met de draad mee", legt hij uit. "Daardoor eet het vlees zachter." Snij het vlees zeker niet te dun: "Je wilt nog beet hebben."Frietjes en sauzen houdt hij meestal achterwege. "Als je werkt met écht goed vlees, moet dat centraal staan." Liever combineert hij côte à l'os met frisse groenten, little gems van de barbecue of tomaten met basilicumolie. "Dat houdt het licht."
Timon: "Als je werkt met een écht goede côte à l'os, hoef je daar eigenlijk niet veel meer mee te doen. Goede hitte, een mooie korst en wat geduld. Meer heeft het vlees niet nodig"
Liever saignant of à point?
Wil je je côte à l'os liever iets verder garen dan bleu chaud? Leg het vlees dan nog kort in een héél hete oven nadat je het dichtgeschroeid hebt. "Zet je oven echt voluit, tot 230°C", zegt Timon. "180°C is te laag: dan begint het vlees opnieuw te sudderen in plaats van te bakken."
Opgelet voor deze veelgemaakte fouten!
- Je pan is niet heet genoeg. Dan suddert het vlees in plaats van te bakken. Een goede côte à l'os moet luid sissen zodra hij de pan raakt. Hetzelfde geldt voor de barbecue: zorg dat die gloeiendheet is!
- Je gebruikt grove peper in een hete pan. Veel mensen wachten met kruiden uit schrik dat peper verbrandt. Volgens Timon hoeft dat helemaal niet, zolang je peper maar fijn genoeg gemalen is. "Grove peperkorrels verbranden in een hete pan en worden bitter", zegt hij. Daarom maalt hij zwarte peper bijna tot poeder in een mixer of koffiemolen. "Zo kun je je vlees perfect al vóór het bakken kruiden." Afwerken doet hij wél met grof zeezout.
- Je pakt het vlees in aluminiumfolie in. "Niet doen", zegt Timon. "Dan begint je côte à l'os opnieuw te stoven." Het vlees gaart verder én je verliest de krokante korst. Laat het gewoon rusten op een rooster.
Op de barbecue
Vraag je het aan Timon, dan kiest hij meteen voor de barbecue. "Je haalt hogere temperaturen én krijgt die subtiele rokerige smaak mee. Dat maakt het vlees nóg lekkerder."
Ook hier begint hij thuis met zijn bekende 50-50-regel: eerst rustig opwarmen in een oven van 50°C, daarna pas grillen boven loeihete kolen. Volgens Timon gaat het vooral fout doordat mensen te snel willen beginnen. "Ook een barbecue moet rustig warm worden", zegt hij. "Ik steek de kolen makkelijk een uur tevoren aan."
Zo laat hij de barbecue eerst volledig op temperatuur komen, voegt dan nog wat verse kolen toe en wacht opnieuw een kwartier. "Pas als de kolen roodgloeiend zijn, begin ik te bakken. Anders gril je boven rokende houtskool en krijgt je vlees een bittere rooksmaak."
Daarna moet het snel gaan. Timon bakt tussen 250 en 300°C en laat de côte à l'os eerst 2 à 3 minuten onaangeroerd liggen met het deksel dicht. "Niet prutsen. Eerst die korst laten vormen." Daarna draait hij het vlees om en bakt hij ook de andere kant kort aan. "Door het vet krijg je sowieso wat vlammen op de kolen. Dat hoort erbij."
Tip bij de 50-50-regel!
Heb je een oudere oven? "Steek een houten lepel tussen de deur zodat het vocht weg kan." En bij een oven waarbij dat niet lukt? "Wrijf het vlees in met een neutrale olie, zoals zonnebloem- of maïsolie, zodat het vlees niet uitdroogt."
4 goede adressen voor côte à l’os
Carcasse
Volgens Timon nog altijd een van de beste plekken om côte à l'os te eten. "Daar bakken we op een plancha van 300°C en werken we met een houtskooloven. Dat geeft een nog intensere smaak."
Carcasse, H. Christiaenlaan 5, Koksijde carcasse.be
Gillis
"Staat mee in de lijst van World's Best Steak Restaurants. Ze begrijpen daar de kunst van een goede côte à l'os bakken."
Gillis, Hoogstraat 23, Gent gillisgent.be
De vette os
"Ook hier vind ik 'm heel goed gebakken. Goede rassen en heel huiselijk gebracht."
De Vette Os, Zuidstraat 1, Veurne grilldevetteos.be
Bistro du nord
"Michael Rewers kookt superklassiek, en serveert het vlees met versgemaakte frietjes en een geweldige bearnaise. Zo kun je het alleen bij hem krijgen."
Bistro Du Nord, Lange Dijkstraat 36, Antwerpen bistrotdunord.be
Volg ons op Facebook, Instagram, Pinterest, YouTube en schrijf je in op onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!